Reacties (copy)

Tijdschrift Milieu
september 2023, nr. 4

REACTIES

Reacties op artikelen in dit tijdschrift zijn van harte welkom bij milieu@groenvoer.nl. Lange reacties kunnen door de redactie worden ingekort.  

Stikstofstappen­plan ondermijnt activerend milieubeleid

In verschillende columns en artikelen in Milieu komt Johan Sliggers met pleidooien voor een duurzame grondgebonden veeteelt. Het terugdringen van de niet-grondgebonden landbouw (intensieve veehouderij) wordt in Nederland met zijn omvangrijke veestapel van kippen, varkens en in mindere mate rundvee door zeer velen ondersteund. De autonome ontwikkelingen gaan ook in deze richting: in de melkveehouderij 20% reductie in het aantal koeien (we zijn weer terug op het niveau van de vijftiger jaren), en ook bij de varkens- en kippenhouderij een sterke reductie. Maar deze reducties zijn nog niet toereikend om te voldoen aan de Parijse verplichtingen voor o.a. uitstoot van broeikasgassen (met name CO2) en natuurherstel. Die laatste worden samengevat in de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Het halen van die verplichtingen vergt een activerend milieubeleid.

De overheid wil daartoe verdergaande middelvoorschriften introduceren; de grootvee-eenheid (GVE)-norm van maximaal 1,5 GVE per ha, die Johan Sliggers bepleit, is daar één van. Nu zijn er de afgelopen 20 jaar meer dan 10 van zulke middelvoorschriften over de landbouw uitgestort, met zeer geringe resultaten en toenemend wantrouwen van de agrarische bevolking. In Milieu nummer 3 (juni 2022) gaf Jan Willem Erisman daarvan een overzicht. 

Van de maatregelen en regels die werden geïntroduceerd bleek slechts een zeer beperkt aantal doelmatig, doeltreffend en handhaafbaar. Dat betreft met name het mineralen aangiftesysteem (MINAS). Boeren hebben dan een mineralenboekhouding en betalen een heffing als de input van mineralen niet spoort met de uitvoer. In de negentiger jaren is dit systeem ingevoerd omdat dwang bij zovele vervuilers niet haalbaar zou zijn en overreding – Laat niet als dank voor het aangenaam verpozen de eigenaar van het bos de schillen en de dozen – vanwege de financiële belangen niet toereikend zou zijn. MINAS heeft circa 10 jaar gewerkt en het mineralenoverschot gereduceerd met 60 tot 70%. In 2006 werd het door politieke druk en Europese middelvoorschriften – de Nutriëntenrichtlijn – afgeschaft. Sindsdien is de reductie niet voortgezet; er was zelfs een geringe toename. De vele middelvoorschriften, zoals kalenderlandbouw, maaivoorschriften en verdere  ingrepen in de bedrijfsvoering  leverden materiëel niets op maar vergrootten wel de kloof tussen overheid en agrarische sector. De te hulp geroepen commissie-Remkes adviseerde in 2020 onder andere de herintroductie van MINAS onder de naam Afrekenbare stofbalans. Dat werd ook meegenomen in de onderhandelingen over het Landbouwakkoord. Naast ‘de goede landbouw op de goede plek’, met toepassing van Best Ecological Means en betrokkenheid van de keten, wordt in Remkes’ rapporten benadrukt dat het vertrouwen in de sector moet worden hersteld. Daaraan werd in het concept-Landbouwakkoord ook veel lippendienst bewezen: er zouden meer doelvoorschriften komen, al bleef de middelvoorschriftenbenadering dominant. 

Het pleidooi van Johan Sliggers is een voorbeeld van dat laatste. Hij bepleit zelfs een volledige overgang naar biologische landbouw. In het meest optimistische scenario is dat weggelegd voor circa 15% van de boeren. De overgrote meerderheid zal dus aan de verschillende doelen moeten bijdragen door aanpassing van bedrijfsstructuur en bedrijfsvoering, en in de voorstellen van Sliggers worden gedwongen tot improductieve vormen van landbouw eindigend in faillissement. 

Dat kan anders: milieudoeleinden, klimaattaakstelling en de oplossing van de stikstof- en mineralenproblematiek kunnen in samenhang worden aangepakt. Door op goede gronden goed te produceren wordt de milieubelasting met minimaal 50% verminderd; dan kan zeker een groot  aantal hectares, met name in de natte deltagebieden, worden ingezet voor de Ecologische Hoofdstructuur en is een wezenlijke bijdrage mogelijk aan de Vogel en Habitat richtlijn. In de ontwikkelingsrichting die Johan Sliggers bepleit is daar voor geen ruimte. Alle landbouwgrond, ook de marginale, is dan nodig voor de laagproductieve landbouw. De inzet van hulpbronnen (met name energie) gaat omhoog; het creatieve ondernemerschap wordt niet gestimuleerd, maar met middelvoorschriften geringeloord. Dit stappenplan ondermijnt daarmee het activerend milieubeleid en is eerder een dystopie dan een utopie voor de vele maatschappelijke doelen waar natuur-, milieu- en landbouwbeleid in samenhang aan kunnen bijdragen.

Rudy Rabbinge


    Warning: Undefined array key -1 in /var/hpwsites/u_twindigital_html/website/html/webroot/milieu.vvm.info/wp-content/plugins/diziner-core/lib/TwinDigital/Diziner/Core/Post.php on line 965
  • Reacties (copy)

    Vorige pagina

    Warning: Undefined array key 0 in /var/hpwsites/u_twindigital_html/website/html/webroot/milieu.vvm.info/wp-content/plugins/diziner-core/lib/TwinDigital/Diziner/Core/Post.php on line 928
  • Reacties (copy)

    Volgende pagina

Abonneer je op onze nieuwsbrief

Tijdschrift Milieu is een uitgave van de VVM en verschijnt zes keer per jaar in een oplage van 1.750 exemplaren.

VVM-Lidmaatschap 2026